Без названия

G
Завершён
0
автор
Фэндом:
Размер:
12 страниц, 6 126 слов, 5 частей
Публикация на других ресурсах:
Уточнять у автора / переводчика
0 Нравится 0 Отзывы 0 В сборник

4.1

Настройки
De invloed van de Tweede Wereldoorlog In 1945 reisde een Nederlandse vrouw in Indonesië met de trein naar huis, nadat ze was vrijgelaten uit een ‘jappenkamp’. Maar op een station kreeg ze de schrik van haar leven. ‘Wat was dat? We werden bestormd door een horde inlanders. Agressief staken ze hun scherpe bamboesperen naar ons uit. Woest schreeuwden ze: Merdeka! Merdeka! Merdeka!(Vrijheid! Vrijheid! Vrijheid!). Hun ogen hadden een wilde, angstaanjagende uitdrukking. Ik was bang.’ Indonesiërs keerden zich na de Japanse bezetting tegen het herstel van de Nederlandse koloniale heerschappij. Vóór de oorlog had Nederland het Indonesische nationalisme in Nederlands-Indië onderdrukt, maar na de oorlog werd Indonesië binnen vijf jaar onafhankelijk. Ook in de andere Europese kolonies ging de dekolonisatie snel. De Tweede Wereldoorlog was daarvan een belangrijke oorzaak. De westerse macht in Zuidoost-Azië was door Japan vernietigd. De Japanners onderdrukten de inheemse volken, maar zetten hen ook op tegen het Westen. Na de Japanse capitulatie bloeide het nationalisme in Azië op. De Europese landen waren in de oorlog verzwakt, terwijl de VS en de Sovjet-Unie supermachten (zeer machtige staten) waren geworden. Zij waren tegen kolonialisme. De VS lieten de Filippijnen in 1946 onafhankelijk worden. Britse en Franse dekolonisatie in Azië De Britten hadden al vóór de oorlog met Indiërs gepraat over zelfbestuur van Brits-Indië binnen het Britse rijk. Na 1945 waren de Britten voor de dekolonisatie en besloten ze Brits-Indië zo snel mogelijk te verlaten. Toen ze de soevereiniteit in 1947 overdroegen aan inheemse leiders ontstonden twee staten: India, waar de hindoes in de meerderheid waren, en Pakistan, waar moslims een meerderheid waren. Gandhi had één India gewild, maar de tegenstellingen tussen de twee religieuze groepen laaide hoog op. Miljoenen moslims vluchtten naar Pakistan en miljoenen hindoes naar India (afbeelding 5). Terwijl de Britten ook hun andere kolonies in Azië onafhankelijk lieten worden, vertrokken de Fransen niet vrijwillig uit Indochina (Vietnam, Laos en Cambodja). In Vietnam had de communist Ho Chi Minh na de Japanse capitulatie de onafhankelijkheid uitgeroepen. Zijn bevrijdingsbeweging Vietminh kreeg het hele land in handen. Een koloniale oorlog brak uit toen Frankrijk Vietnam probeerde te heroveren. Dat lukte voor een deel, maar de Fransen konden de Vietminh niet verslaan. Toen ze in 1954 een wekenlange veldslag om een fort in het oerwoud verloren, gaf Frankrijk de strijd op. Het verhaal van Soekarno (зеленый блок, стр. 69) De Indonesiër Soekarno volgde met Nederlandse kinderen Nederlands onderwijs in Nederlands-Indië, maar hij werd niet als gelijke behandeld. Als ‘bruine inlandse jongen’ werd hij bijvoorbeeld weggestuurd door de vader van een wit meisje uit zijn klas, op wie hij verliefd was. Na zijn opleiding tot ingenieur koos Soekarno voor non-coöperatie, naar het voorbeeld van Gandhi. In 1927 richtte hij de nationalistische partij PNI op. Door zijn toespraken werden veel Indonesiërs enthousiast, maar toen Soekarno in 1933 door Nederlandse rechters uit Java werd verbannen, leek zijn rol uitgespeeld. Hij kreeg een nieuwe kans door de Tweede Wereldoorlog. Terwijl hij samenwerkte met de Japanse bezetters, bereidde hij met andere nationalisten de onafhankelijkheid van Indonesië voor. Na de proclamatie op 17 augustus 1945 werd Soekarno de eerste president van de Indonesische republiek. Veel Nederlanders vonden dat de Nederlandse regering niet met hem moest onderhandelen. Door zijn collaboratie met de Japanners zagen ze Soekarno als een landverrader, net als Mussert. Nederlandse dekolonisatie (стр. 69-70) Op 17 augustus 1945, twee dagen na de Japanse capitulatie, riep de Indonesische nationalist Soekarno de onafhankelijke Republiek Indonesië uit. Nederland accepteerde deze proclamatie niet, waardoor de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog uitbrak. Nederland stuurde dienstplichtige militairen overzee die vanaf 1946 de Nederlandse macht in delen van Indonesië herstelden (afbeelding 3).Tegelijk onderhandelde Nederland met de Republiek, maar door onwil aan beide zijden mislukte een diplomatieke oplossing van het conflict. In 1947 voerde het Nederlandse leger een grote militaire operatie uit op Java en Sumatra. De regering noemde het een ‘politionele actie’ omdat het alleen zou gaan om het herstel van de orde. Het leger rukte snel op, maar de Republiek bleef terugslaan met kleine aanvallen. Op deze guerrilla antwoordden Nederlandse militairen met terreur. Ze brandden dorpen plat en schoten dorpsbewoners en krijgsgevangenen als ‘afschrikwekkend voorbeeld’ dood. In december 1948 namen Nederlandse soldaten Soekarno gevangen tijdens een tweede ‘politionele actie’. Maar de VS en de VN dwongen Nederland hem vrij te laten en de Indonesische onafhankelijkheid te accepteren. Op 27 december 1949 ondertekende koningin Juliana de soevereiniteitsoverdracht, waardoor Soekarno’s regering officieel de hoogste macht kreeg over Indonesië. De dekolonisatie van de andere Nederlandse kolonies vond vreedzaam plaats. Binnen het Koninkrijk der Nederlanden werden Suriname en de Nederlandse Antillen in 1954 zelfstandige landen. Ze kregen eigen regeringen die hun binnenlandse politiek zelf bepaalden. In 1975 werd Suriname onder leiding van premier Arron een onafhankelijke republiek (afbeelding 6). In 2010 werden de Nederlandse Antillen als eenheid opgeheven. Curaçao en Sint Maarten werden zelfstandige landen binnen het Koninkrijk, net als Aruba, dat al vanaf 1986 zelfstandig was. Bonaire, Saba en Sint Eustatius werden bijzondere gemeenten van Nederland en kregen samen de naam Caribisch Nederland. Palestina en Israël (стр. 70-71) In het Midden-Oosten waren onafhankelijke Arabische staten ontstaan in de decennia voor 1945. Na 1945 bestuurden de Britten alleen nog Palestina, waar grote spanningen waren tussen de Arabische bewoners (Palestijnen) en de joden. In 1896 had de joodse Oostenrijker Theodor Herzl in zijn boek Der Judenstaat (de joodse staat) geschreven dat de joden een eigen staat moesten hebben om veilig te zijn voor het antisemitisme. Zijn zionisme (joods nationalisme) kreeg direct veel aanhangers. De zionisten besloten dat hun staat in Palestina moest komen, omdat daar het jodendom was ontstaan. Voor de Eerste Wereldoorlog migreerden al tienduizenden joden naar Palestina en in het interbellum werden het er nog meer. Maar in 1936 kwamen Palestijnen in opstand. Ze eisten onafhankelijkheid en een eind aan de joodse immigratie. De Britten beperkten daarom de joodse immigratie, maar na 1945 lukte dat niet meer. Er kwamen toen veel overlevenden van de Holocaust naar Palestina. De Britten wilden nu zo snel mogelijk weg. In 1947 maakten ze bekend dat ze 15 mei 1948 zouden vertrekken. De VN stelden een plan op om Palestina te verdelen in een joodse en een Arabische staat. Maar de Palestijnen wilden dat niet. Palestijnse strijders probeerden de joden te verjagen, maar die sloegen hard terug. Op 14 mei 1948 riep de joodse leider Ben Goerion de staat Israël uit (afbeelding 8). De Arabische buurlanden vielen Israël aan, maar de Israëli’s waren militair superieur. Ze veroverden heel Palestina, behalve Oost-Jeruzalem, de westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. Honderdduizenden Palestijnen sloegen op de vlucht naar buurlanden. Een minderheid bleef in Israël. Afrika (стр. 71) Het Arabische nationalisme brak ook door in Noord-Afrika. In 1954 begonnen nationalisten een bloedige onafhankelijkheidsoorlog in Algerije, de belangrijkste Franse kolonie. Er woonden een miljoen Fransen die er wilden blijven. Na acht jaar vol gruwelijk geweld gaf Frankrijk in 1962 de kolonie toch op. Intussen lieten de Fransen Marokko en Tunesië in 1956 zonder strijd onafhankelijk worden, want ze konden er niet nog een oorlog bij hebben. Sultan Mohammed V werd koning van Marokko (afbeelding 9). Tunesië was eerst ook een koninkrijk, maar werd in 1957 een republiek. In Afrika ten zuiden van de Sahara kwam het nationalisme omstreeks 1955 op. De Fransen, Britten en Belgen wilden van hun kolonies af en droegen de macht snel over aan de nationalistische bewegingen.In 1957 lieten de Britten als eerste Goudkust onafhankelijk worden, onder de naam van het vroegere koninkrijk Ghana. Tussen 1960 en 1964 werden zo nog eens zeventien Britse kolonies onafhankelijk. Ook de Fransen droegen in die jaren overal vreedzaam de macht over. België deed in 1960 afstand van Congo (afbeelding 10). De Portugezen gingen als laatste weg uit Afrika. Portugal werd geregeerd door een dictator, die Angola en Mozambique weigerde af te staan. Inheemse opstanden begonnen daarom een onafhankelijkheidsoorlog. Toen Portugal in 1974 een democratie werd, liet een nieuwe regering de kolonies snel onafhankelijk worden. Zo werd de dekolonisatie van Europese kolonies vrijwel voltooid in de tijd van televisie en computer (1950-heden). De nieuwe onafhankelijke staten meldden zich aan als lidstaat van de VN. Samenvatting (стр. 71) Door de Tweede Wereldoorlog was het nationalisme in Azië versterkt. De VS en de Sovjet-Unie waren tegen kolonialisme. De Britten deden vrijwillig afstand van hun macht in Azië. Brits-Indië werd in 1947 gesplitst in de staten India en Pakistan. De Fransen verlieten Indochina in 1954 na een koloniale oorlog. Na de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) erkende Nederland de onafhankelijkheid van Indonesië. Suriname werd in 1975 een onafhankelijke republiek. Van de Antilliaanse eilanden binnen het Koninkrijk der Nederlanden zijn er drie vanaf 2010 een bijzondere gemeente en drie een zelfstandig land. Door het zionisme vestigden joden zich in Palestina waar ze in conflict kwamen met de Palestijnen. Toen de Britten in 1948 vertrokken, riepen joden de staat Israël uit. In Noord-Afrika lieten de Fransen Tunesië en Marokko in 1956 zonder strijd onafhankelijk worden en Algerije in 1962 na een oorlog. Ten zuiden van de Sahara werden de meeste kolonies zonder strijd onafhankelijk tussen 1957 en 1975.
0 Нравится 0 Отзывы 0 В сборник